Wat weet of denk je over homo’s?

Check het met acht stellingen die nooit helemaal kloppen

‘Ik ken wel mensen die homo zijn: Paul de Leeuw, Gerard Joling, Albert Verlinde en nog wat van die beroemdheden.’ Oké, maar ken je ze ook in je eigen omgeving? Een familielid, een klasgenoot misschien, of een vriend(in)? En als je zo’n iemand kent, hoe goed ken je hem of haar dan? Begrijp je een beetje hoe ze ‘in elkaar’ zitten?

Homoseksualiteit is een raar onderwerp. Iets voor grapjes of scheldwoorden. Ondertussen zijn er ook in jouw eigen omgeving mensen die het zijn: homoseksueel. Grote kans dat je ze niet eens kent, want veel homo’s houden zich verborgen. Zeker in de kerk. Wel eens over hen nagedacht? Hieronder acht stellingen over homo’s en lesbo’s. Let op: geen enkele stelling is honderd procent waar.

1. Een homo wil ‘het’ doen met een man (een lesbiënne met een vrouw)


Dan hebben we het dus over seks. Vaak is dat het eerste waaraan we denken als het gaat over homo’s. Nou is het natuurlijk inderdaad zo dat een homoseksuele man zich seksueel aangetrokken voelt tot andere mannen (en een lesbische vrouw tot vrouwen). Maar je moet goed beseffen dat seksualiteit veel méér is dan ‘het’ doen. Seksualiteit heeft ook te maken met seksuele gevoelens, iemand aantrekkelijk vinden, van iemand houden, enz. Die dingen kúnnen leiden tot (de gedachte aan) seks, maar dat hoeft niet. Dat is bij homo’s niet anders dan bij hetero’s. Veel christenhomo’s voelen zich wel aangetrokken tot mannen, maar kiezen ervoor géén seks te hebben.

2. Je kunt er niks aan doen als je homo bent

Deze stelling is bijna helemaal waar. In het algemeen moet je inderdaad zeggen dat een homo er niks aan kan doen dat hij ‘zo’ is. Waarschijnlijk is hij zo geboren en anders had hij er toch in ieder geval aanleg voor. Toch moet je hier een klein beetje voorzichtig zijn. Als je tiener bent en je seksualiteit is zich aan het ontwikkelen, kan het gebeuren dat je je afvraagt: zou ik homo of lesbisch zijn? Het is eigenlijk vrij normaal als je dat wel eens denkt. Maar daarmee hoef je het nog niet te zijn. Je kunt té snel denken dat je homo bent en je zelf daarmee homo ‘maken’.

3. Homo’s herken je aan hun verwijfde manieren

‘Homo’s zijn verwijfd en lesbo’s zijn net mannen, je haalt ze er zo uit.’ Dat denken mensen vaak, maar is dat zo? Eerst even dit: als mensen zoiets zeggen, bedoelen ze dat meestal niet aardig. Dat is op zich al een reden om er zo niet over te praten. Maar oké, homo’s hebben inderdaad soms vrouwelijke trekjes waaraan je hen kunt herkennen. En lesbische meisjes kunnen inderdaad wat jongensachtig zijn. Maar dat is lang niet altijd zo. Denk bijvoorbeeld niet: ‘Ik ken geen verwijfde jongens, dus in mijn omgeving zijn geen homo’s.’ Er zijn heel wat ‘stoere jongens’ die tóch homo zijn.

4. Op zich is er niks mis met homo’s

Inderdaad, homo’s zijn net zo normaal of abnormaal als andere mensen (wie is er eigenlijk helemaal ‘normaal’?). Toch moet je óók zeggen dat homoseksualiteit niet is zoals God seksualiteit oorspronkelijk heeft bedoeld. Let op: daarmee zijn homo’s beslist niet ‘minder’ dan hetero’s! Maar op een bepaalde manier is er toch iets misgegaan. Hoe? Dat is een heel moeilijke vraag. Bij stelling 2 zagen we al dat het waarschijnlijk met de aanleg te maken heeft. Maar niet iedereen die de aanleg heeft, wórdt ook homo. Waarschijnlijk is het zo dat er ook dingen meespelen die in iemands leven gebeuren. Sommige wetenschappers denken dan bijvoorbeeld aan een vader die zijn zoon afwijst. De pijn die dat geeft, kan een jongen ‘compenseren’ door te verlangen naar (seksueel) contact met een man die hem wél bevestigt. Hoe dan ook, het gaat in ieder geval vaak om dingen waarover iemand van binnen pijn voelt. Dat is een reden waarom sommige homo’s deskundige hulp nodig hebben.

5. God vindt homoseksualiteit fout

Veel mensen denken dat dit hét christelijke standpunt is. Toch is het echt té kort door de bocht. Kijk nog even naar stelling 1: daar maakten we onderscheid tussen seks en seksualiteit. Bijbelteksten over homoseksualiteit gaan altijd over seks (‘het’ doen) en nergens over seksualiteit (in de betekenis van: je aangetrokken voelen tot…). Je kunt daarom op grond van de Bijbel niet zeggen dat God het ‘fout’ of zondig vindt als iemand homoseksuele gevoelens heeft. Het ‘enige’ wat de Bijbel zegt, is dat je met die gevoelens voorzichtig moet zijn: je kunt ze niet uitleven in een seksuele relatie. Maar daarmee is het nog niet ‘fout’ om homo te zijn.

6. Een homo moet zijn gevoelens onderdrukken

Eigenlijk hebben we het over die stelling al gehad. Maar nog even voor de duidelijkheid: behalve dat je deze gevoelens niet kan onderdrukken (je hebt ze nu eenmaal) hoeft het ook niet. Het is op zich niet ‘fout’ als een jongen een andere jongen aantrekkelijk vindt en zich prettig bij hem voelt. Wat het lastig maakt, is dat hij weet: ik kan niet met hem trouwen en seks met hem hebben. Sterker nog: dat is ontzettend lastig. Maar het is onterecht om te zeggen dat hij daarom zijn gevoelens helemaal moet onderdrukken.

7. Een homo moet altijd alleen blijven

Als je uitgaat van het standpunt zoals dat hierboven staat, is dat op een bepaalde manier waar. Het huwelijk is bedoeld voor de unieke relatie tussen één man en één vrouw. Daarom zijn de meeste christenen erop tegen dat homo’s met elkaar trouwen. Als je bedenkt hoe mooi en goed het huwelijk is, is dat natuurlijk erg pijnlijk voor homo’s – laten we dat niet vergeten.Maar dat betekent niet dat een homo alleen moet blijven. Een homo kan van mensen houden, vriendschappen sluiten – óók met andere homo’s. Dat daar per se seks bij moet, is een moderne, maar onbijbelse gedachte. Er zijn heel veel mensen die geen seks hebben. Tegenwoordig wordt al snel gedacht dat je daar gefrustreerd van wordt, maar dat hoeft echt niet. Iemand zei: een mens kan niet zonder liefde, maar wel zonder seks.

8. In de kerk zijn minder homo’s dan erbuiten

Er zijn in de kerk in ieder geval minder homo’s bekend. Maar dat betekent niet dat ze er niet zijn. Meestal wordt gezegd dat 3 à 4 procent van de mensen homo is. Dus als er bij jullie op zondagmorgen 200 mensen in de kerk zitten, zijn daar waarschijnlijk 6 tot 8 homo’s bij. Het zou fijn zijn als ze daar ook voor uit konden komen. Het is tenslotte nogal wat als je bij jezelf ontdekt dat je zo bent. Als je er dan ook nog eens met niemand over kan praten, is het extra moeilijk.

Herman van Wijngaarden

Wil je op dit artikel reageren, mail dan naar hvanwijngaarden@hgjb.nl. Als je over dit onderwerp met iemand wil praten, kun je (anoniem) bellen met stichting Chris, 078-6312300. Of leg contact met een hulpverlener van Eleos, via www.mindguide.nl.

Spirit 4, Jaargang 2008/2009 

|
reageer op dit artikelmail dit artikelprint deze pagina
elise206
11-06-2009 14:41:27
Nu je dit artikel hebt gelezen, denk ik dat het moeilijk is voor christenen om hun gedrag te uiten. Vooral als ze homo zijn of lesbi. Maar dat kan natuurlijk ook in de familie zitten. Ik vind het wel apart dat mensen soms, opmerkingen maken over homo's. Ze zijn anders, maar dan hoeven ze toch niet zo raar te doen?

anoniem